Excepties van nietigheid na Potpourri I

Met de Wet van 19 oktober 2015 heeft de wetgever het Gerechtelijk Wetboek gewijzigd waardoor er belangrijke wijzigingen werden aangebracht aan het regelen van excepties van nietigheid in burgerlijk procesrecht. De afdeling van Gerechtelijk Wetboek die de regels betreft de excepties van nietigheid bevat, is gewijzigd, namelijk zijn de artikels 860, 861, 865 en 864 gewijzigd en artikels 862 en 867 opgeheven. Deze wijzigingen zijn in werking getreden op 1 november 2016. Voor de wijzigingen betreft excepties van nietigheid is geen overgangsregeling voorzien.

Excepties van nietigheid in Gerechtelijk Wetboek vroeger en nu
Vroeger Nu
Art. 860
Wat de verzuimde of onregelmatig verrichte vorm ook zij, geen proceshandeling kan nietig worden verklaard, indien de wet de nietigheid ervan niet uitdrukkelijk heeft bevolen.
De termijnen om de rechtsmiddel aan te wenden zijn evenwel voorgeschreven op straffe van verval.
De andere termijnen worden slechts op straffen van verval bepaald wanneer de wet het voorschrijft.
Art. 860
Wat de verzuimde of onregelmatig verrichte vorm ook zij, geen proceshandeling kan nietig worden verklaard, noch kan het niet-naleven van een termijn die op straffe van nietigheid is voorgeschreven, worden gesanctioneerd, indien de wet de sanctie niet uitdrukkelijk heeft bevolen.
De termijnen om de rechtsmiddel aan te wenden zijn evenwel voorgeschreven op straffe van verval.
De andere termijnen worden slechts op straffen van verval bepaald wanneer de wet het voorschrijft.
Art. 861
De rechter kan een proceshandeling alleen dan nietig verklaren, indien het aangeklaagde verzuim of de aangeklaagde onregelmatigheid de belangen schaadt van de partij die de exceptie opwerpt.
Art. 861
De rechter kan een proceshandeling alleen dan nietig verklaren of het niet-naleven van een termijn die op straffe van nietigheid is voorgeschreven sanctioneren, indien het aangeklaagde verzuim of de aangeklaagde onregelmatigheid de belangen schaadt van de partij die de exceptie opwerpt.
Art. 864
De nietigheid die tegen een proceshandeling kan worden ingeroepen of het niet-naleven van een termijn die op straffe van nietigheid is voorgeschreven, zijn gedekt indien zij niet tegelijk en vóór enig ander middel worden voorgedragen.
Verval en nietigheid als bepaald in art. 862 zijn echter pas gedekt, wanneer een vonnis of arrest op tegenspraak, beha;ve datgene dat een mmatregel van inwendige aard inhoudt, is gewezen zonder dat het verval of de nietigheid door de partij os voorgedragen of door de rechter ambtshalve is uitgesproken.
Art. 864
De nietigheid die tegen een proceshandeling kan worden ingeroepen of het niet-naleven van een termijn die op straffe van nietigheid is voorgeschreven, zijn gedekt indien zij niet tegelijk en vóór enig ander middel worden voorgedragen.
Art. 865
De regels van artikel 864 en van artikel 867 zijn niet van toepassing op het in artikel 860, tweede lid, bedoelde verval.
Art. 865

De regels van artikel 864 en van artikel 861 zijn niet van toepassing op het in artikel 860, tweede lid, bedoelde verval.

De eerste nieuwigheid is dat de wetgever nu expliciet de toepassing van de regels betreft de excepties van nietigheid niet allen op de proceshandelingen, maar ook op het niet-naleven van termijnen die op straffe van nietigheid zijn voorgeschreven, voorschrijft. Wat vroeger al in de rechtspraak was toegepast, is nu in de wet verankerd.

De tweede lid van art. 860 Ger.W. is blijkbaar gelaten voor wat het was. Al gaat het daar niet over nietigheid, maar wel over verval, wat eerder op onontvankelijkheid slaat. Het verstreken van een termijn die op straffe van verval is voorgeschreven, beteken het verval van recht, namelijk zegt het “je mag niet meer naar de rechter”.

Met het opheffen van art. 862 Ger.W. wordt het einde gesteld aan bijzondere vormvereisten voor proceshandelingen. Zo hechtte de wetgever vroeger veel belang aan het naleven ven deze vormvereisten, is hij nu volledig van koers veranderd. Gezien blijvende daling van de kwaliteit van de akten en onoplettendheid van ministeriële ambtenaren, rijst de vraag of deze wijziging betreft de excepties van nietigheid ten goede komt van het burgerlijke proces. Meer zelfs, of het niet de rechten van de burgers aantast. Het afschaffen van art. 862 betekend dat de wetgever geen bijzonder belang meer hecht aan:

  • de termijnen
  • de ondertekening van de akte
  • de vermelding van de datum van de akte wanneer die noodzakelijk is om de gevolgen van de akte te beoordelen
  • de aanwijzing van de rechter
  • de eed opgelegd aan getuigen en aan deskundigen
  • de manier waarop het exploot wordt betekent

Kort samengevat, na verdwijnen van art. 862 uit de afdeling “Excepties van nietigheid”  hoeft de partij die dagvaardt, niet meer vrezen voor het opwerpen van excepties van nietigheid wanneer de gerechtsdeurwaarder te termijnen van dagvaarding niet respecteert, het exploot ondertekent noch dagtekent, geen rechter aanwijst en bovendien op een ongekende manier betekent… Dit gaat heel ver. Zelfs zo ver dat het aan de gerechtsdeurwaarder de mogelijkheid biedt de studenten als postbodes op pad te sturen om de exploten gewoon in de brievenbussen te stoppen. En dan is het maar aan de tegenpartij om te bewijzen dat al dit zijn belangen schaadt (art. 861 Ger.W.).

Het verdwijnen van art. 867 uit de regels betreft de excepties van nietigheid betekent wel dat nietigheid niet meer gedekt is wanneer met nietigheid aangetaste handeling het doel heeft bereikt of wanneer de vorm wel in acht is genomen. Praktisch betekend het dat de excepties van nietigheid wel kunnen worden opgeworpen zelfs indien de aangeklaagde handeling het doel heeft bereikt, wel onder voorbehoud van toepassing van art. 861 Ger.W.

Conclusie

In de nieuwe redactie van Gerechtelijk Wetboek kan een procespartij de excepties van nietigheid opwerpen wanneer cumulatief aan de volgende voorwaarden is voldaan:

  • nietigheid uitdrukkelijk bij wet is bevolen
  • de belangen van de opwerpende partij zijn geschaad
  • de excepties van nietigheid in limine litis worden opgeworpen

De regels betreft de excepties van nietigheid zijn eenvoudiger geworden wat voor efficiëntere justitie zou moeten zorgen. Anderzijds zijn er enkele bijzondere waarborgen die tegen het onrechtmatige optreden van gerechtsdeurwaarders dienden te zorgen, uit het recht verdwenen.

One Comment:

  1. Pingback: Potpourri I - het burgerlijk procesrecht en justitie

Comments are closed